www.hartinfo.nl

Mijn dotterbehandeling 2009

ambulance In januari 2009 viel me op dat steeds sneller buiten adem raakte en ik voelde me heel vaak erg moe. Ik paste een tijdje mijn tempo van lopen aan en het ging redelijk. Op zondag 2 februari was het erg slecht weer, heel koud en een snijdende wind. Tijdens een wandelingetje van nog geen kilometer moest ik meerdere keren pauzeren, echt buiten adem en ook mijn hele rechterarm deed behoorlijk zeer. Thuisgekomen duurde het een half uur voor ik weer een bijgekomen was. Dit was niet goed. Zonder dat ik het wilde kwam er een groot gevoel van onbehagen opzetten, ik voelde al aan dat er iets behoorlijk mis was.

Ik hoopte tegen beter weten in dat het vanzelf weer beter zou gaan, maar dat was uiteraard niet het geval. Woensdags belde ik de cardioloog voor een afspraak, ik kon 11 februari terecht.
Na het aanhoren van mijn klachten, het maken van een hartfilmpje en het beluisteren van mijn hart besloot de cardioloog meteen tot actie. Hij adviseerde me directe opname op de hartbewaking omdat dit toch wel een ernstige situatie leek.

Hoewel ik dit op zich een fijne reactie vond, sloeg de schrik wel weer in volle hevigheid toe, het was echt erg!

Ik werd in het Spaarneziekenhuis aan de monitor gelegd, ik kreeg "bloedverdunners", betablokkers en een bloeddrukverlagend medicijn en er werd besloten dat een hartcatherisatie duidelijkheid moest geven. Ik lag op een eenpersoonskamer aan de monitor, gelukkig was José nu bij me.
Waarschijnlijk daardoor kon ik meteen toegeven aan het gevoel van vreselijke angst, een huilbui van ruim een uur gooide er alle emoties flink uit. Achteraf denk ik dat voor mij een erg goede manier was om het allemaal alvast een plekje te geven. Binnen 5 jaar weer terug in een levensbedreigende situatie, daar wil je gewoon niet aan denken vooraf.
Het huilen en praten ging met schokken, van heel diepe gesprekken (ik wilde o.a. mijn donorcodicil in mijn nachtkastje) tot elkaar alleen maar vertellen wat we tot nu toe allemaal al voor geweldigs gehad hadden samen. Het was een zeer intensieve dag en ik kon gelukkig goed slapen de nacht erna.

Donderdag kon ik terug naar "zaal", dat was een stuk prettiger, niet meer alleen liggen. Het klikte al heel snel met de zaalgenoten, ook dat voelde bijzonder lekker. De grote angst en de onrust zakte hierdoor behoorlijk gelukkig.

Vrijdag was er ruimte voor de catheterisatie en na flink zoeken werd duidelijk dat er weer een flinke verstopping was ontstaan. Dit keer van een van de by-passes, deze zat voor 80% dicht. Na overleg met het team werd ik aan het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis in Amsterdam voorgedragen voor een dotterbehandeling. Eigenlijk was ik vooral opgelucht, dit kon dus weer "gerepareerd" worden.

Al maandagmiddag werd ik naar het OLVG gebracht, weer een signaal dat het inderdaad weer behoorlijk ernstig was.
Ik werd rond 1 uur per ambulance naar Amsterdam gebracht, daar vriendelijk ontvangen en ik kreeg 8 (!) plavix-tabletten en een diazepam. Ondertussen kon ik eten en drinken pakken van een zeer luxe lunchkar. De ruimte en de houding van het personeel maken dat je je er snel op je gemak voelt, je hebt niet het idee in een ziekenhuis te zijn.

Om 14.45 uur was ik aan de beurt. Ik werd door twee aanstekelijk kalme assistenten geïnstalleerd op de behandeltafel en de arts werd opgepiept. Deze arts had een vrolijk gekleurde hoofddoek en sprak met een grappig (ik gok Portugees) accent. De assistenten verstonden hem in ieder geval prima. Na het inbrengen van de catheter via mijn rechterpols ging hij op zoek naar de verstopping.
Op de monitor kon ik prima volgen dat dat geen eenvoudig klusje was, alles bewoog met elke hartslag en de tijdens de eerdere operatie aangebrachte slagader die hij moest hebben, zwiepte behoorlijk heen en weer. Na een hoop gedraai en met behulp van behoorlijk wat contrastvloeistof lukte het en ook ik kon nu de vernauwing heel duidelijk zien. Een plek van ruim een centimeter lang, precies bij de aanhechting op de oorspronkelijke kransslagader zat bijna helemaal dicht.

Na nog een paar keer wat contrastvloeistof vroeg de arts om een stent dmv van een ingewikkeld codenummer. Het bleek later te gaan om een stent waarin/aan/op een medicijn is gehecht dat het oppervlak vrij van aanslag moet houden. Het inbrengen en plaatsen van de stent ging daarna heel vlot en na nog een aantal controles (weer contrastvloeistof) was de hele ingreep geslaagd en afgerond.

Ook dit keer kreeg ik foto's overhandigd, waarop de verschillen tussen vóór en na de behandeling zeer duidelijk te zien zijn.

Links een duidelijk verstopt deel en rechts de stent die zorgt voor een veel betere doorbloeding.

In plaats van verband kreeg ik nu een transparante plastic band vrij strak om mijn pols. Daarin zit een opblaasbaar "kussentje" dat opgeblazen het wondje precies dichtdrukt. Doordat het transparant is, kan men precies zien of het wondje dicht blijft. Ik kreeg te horen dat deze band 4 uur moest blijven zitten, op bepaalde tijden zou er wat lucht uit het kussentje gelaten worden zodat de druk iets minder groot werd. Dit alles verliep precies zoals de bedoeling was en na 4 uur mocht de band er af.

Ik werd verzocht minstens een liter water te drinken om de contrastvloeistof zo snel mogelijk af te voeren, een toilet was gelukkig dichtbij. :-)
Na een prima warme maaltijd was het wachten op de ambulance die me weer terug naar Hoofddorp bracht. Ook zo'n rit in een ambulance blijft een bijzondere ervaring. Terug in het Spaarneziekenhuis had ik nog een een verrassing voor de ambulanciers. Vlak nadat ik van de brancard gestapt was, bleek dat mijn beide benen toch wat ongelukkig gelegen hadden, mijn voeten "sliepen" en ik kon even niet staan of lopen. Op de rand van een bed kon ik even bijkomen.
Toen ik even later daar weer van kon opstaan bleef ik haken met mijn arm en het kraantje van de infuus-ingang, die nog in mijn arm zat, schoot er af. Een flinke straal bloed was het gevolg, dat was toch weer even flink schrikken. Dankzij snel en kordaat optreden van de ambulanciers en een aardige stagiaire was het probleem snel opgelost, een dopje er op en even later mocht het hele ding er zelfs uit. Nadat een en ander was opgeruimd, werden bij mij diverse controles uitgevoerd (o.a. een hartfilmpje) en alles bleek in orde. Ik kon bijkomen en al de volgende morgen mocht ik weer heerlijk naar huis.

Ook deze keer wil ik het personeel van zowel het Spaarneziekenhuis, het O.L.V.G. en de ambulancedienst weer een groot compliment maken en hartelijk bedanken. De verzorging en begeleiding was in alle opzichten uitstekend.
Iets mankeren aan je hart is niet leuk, maar als het dan toch gebeurt, is het erg goed te ervaren dat je in prima handen bent gedurende het hele proces.

Nu eenmaal weer thuis voelt het vooral nog onwezenlijk, vooral ook omdat het allemaal zo snel gegaan is. Ik wandel weer dagelijks en lichamelijk gaat het al weer behoorlijk goed. Hoe het geestelijk gaat is ook mezelf nog niet helemaal duidelijk, we zien het wel.

Lees (eventueel) ook het hoofdstuk over de grote angst

www.hartinfo.nl